Startpagina  |   Over Focusplaza  |   Nieuws  |   Column  |   Sitemap  |   Contact
 

Column

Gerrit Grievink, algemeen directeur van Focusplaza, schrijft maandelijks de column ‘FocusJe 'in het vakblad Levensmiddelenkrant. Deze rubriek belicht bijzondere retailontwikkelingen in het buitenland. Samen met merkartikelfabrikanten en retailers bezoekt en analyseert Grievink jaarlijks meer dan 300 winkels in binnen- en buitenland.

Hieronder vind je een verzameling van deze FocusJe columns uit 2013 en 2012. Voor de columns uit 2011 (met o.a. Borough Market, E-center Paschmann, Manor, La Grande Epicérie en nog veel meer) moet je 
HIER zijn.


Naschmarkt in Wenen toont echte passie voor food

WENEN - Gelukkig bestaan ze nog. Die plekken waar de eigenschappen van verse en bereide producten optimaal tot hun recht komen. Waar gepassioneerde mensen anderen proberen te overtuigen van de geweldige en onderscheidende smaak van hun assortiment. Zo'n plek is de multiculturele Naschmarkt in de Oostenrijkse hoofdstad Wenen.

Slenterend tussen de kraampjes, bekruipt me de vraag waar toch mijn onvrede over het Nederlandse productaanbod vandaan komt. Want we hebben het toch geweldig voor elkaar in ons land? De assortimenten in onze goed verlichte en geklimatiseerde supermarkten zijn breder dan ooit. We zijn door uitgekiende logistieke systemen iedere dag gegarandeerd van voldoende aanbod en de veiligheid van ons voedsel was nog nooit zo goed gewaarborgd als nu. Waarom voel ik me in onze winkels dan toch nog steeds tekort gedaan als ik over de versmarkt in Wenen loop? De uitstallingen zijn soms oud en verroest, de stalletjes gedateerd en de hygiëne staat op sommige plekken ter discussie. En toch klopt mijn hart sneller van alles wat je hier kunt kopen of ter plekke eten. En vooral van de mensen die gepassioneerd hun waar aanprijzen; zonder training klantgerichtheid of andere aangeleerde kunstjes die het gebrek aan liefde voor het vak moeten verbloemen.

      

Gestructureerd
Misschien komt de onvrede juist voort uit het feit dat wij het in Nederland zo goed voor elkaar hebben. We hebben alles gestructureerd en vastgelegd in processen, protocollen en voorschriften. Hebben geoliede logistieke machines neergezet die we supermarkten noemen. Geweldig mooie foodpaleizen die `super` zijn, maar waarbinnen voor het woord `markt` geen plaats is. Het zou zomaar kunnen dat we in ons streven naar volmaaktheid onze ziel zijn kwijtgeraakt. Onze tot in detail uitgedachte winkelformules vormen een mooi omhulsel, maar daarbinnen is nauwelijks leven. De consument blijft vooralsnog komen, maar hunkert diep in haar hart naar  authenticiteit die onze marktaandeelgedreven verkoopmachines niet meer kunnen bieden.

Passie
Ik houd mijn hart vast voor nieuwe initiatieven, zoals de nagenoeg voltooide versmarkt in Rotterdam. De markt is prachtig en lovenswaardig, maar ik heb alweer plannen gezien, waarin iedere activiteit en centimeter beschikbare ruimte nauwgezet is vastgelegd. Deskundigen hebben er hun verdienmodellen op losgelaten en berekeningen gemaakt om het project financieel dichtgetimmerd te krijgen. Over alles lijkt te zijn nagedacht om er een zakelijk succes van te maken. Maar is er nog ruimte voor het echte ambacht, de passie van de ondernemer en het proces dat nodig is om deze plek een ziel te geven?  Vooralsnog ontbreekt hier de authenticiteit die andere marktplaatsenvan zichzelf al hebben. Misschien moeten we zulke projecten niet meer op de tekentafel uitdenken, maar gewoon een unieke plek creëren waar we (lokale) versaanbieders faciliteren om de consument enthousiast te maken. Waar mensen ongedwongen kunnen slenteren en nieuwe smaken kunnen ontdekken. Een plek, niet primair gedreven door formule-uitgangspunten of financiële beleggingsdoelstellingen, maar door een onderscheidende koopmansgeest vol visie, passie en authentiek vakmanschap. 

terug naar boven


Eigenzinnige Italiaanse supermarkten houden stand door heldere positionering

ROME/ETTEN - Wie in supermarktland Rome zegt, denk al snel aan Eataly, het paradepaardje van Oscar Farinetti. Terecht, want deze unieke combinatie van foodservice en retail is inmiddels druk bezig wereldwijd uit te groeien tot een begrip. Daarnaast is het een onuitputtelijke bron van inspiratie voor iedereen die serieus met het levensmiddelenvak bezig is. Maar Rome heeft meer te bieden.

Als je in de Italiaanse hoofdstad met bijna 3 miljoen inwoners verblijft, moet je zeker ook eens binnen wandelen bij een Super Elite of één van de 14 vestigingen van Doc*Roma, onderdeel van Coop Italia. Beide formules zijn niet zonder meer te kopiëren naar de Nederlandse markt. Maar ze bevatten wel elementen die de harten van de Nederlandse ondernemers sneller doen slaan. Afgelopen week waren we in Rome om met een selecte groep van zelfstandig ondernemers een bezoek te brengen aan diverse authentieke Italiaanse supermarkten. Doelstelling was om samen met collega's vanuit andere formules te praten over de Nederlandse situatie en door middel van winkelbezoek ideeën op te doen en ervaringen uit te wisselen die in de eigen situatie wellicht toepasbaar zijn.

Natuurlijk stond een bezoek aan de nieuwste vestiging van Eataly ook op het programma. Over die "Ferrari onder de supermarkten" wil ik het hier echter verder niet hebben. In de Focusje-column van de mei-uitgave van Levensmiddelenkrant heb je uitgebreid kunnen lezen dat deze culinaire winkel ongeveer het meest inspirerende is wat de snel veranderende internationale foodmarkt momenteel te bieden heeft. Maar wat Eataly laat zien, is in de meeste gevallen niet morgen toe te passen in je eigen supermarkt.

    

KW-koelingen
Voor de inspiratie bij Super Elite en Doc* ligt dat anders. Deze winkels zijn op onderdelen wellicht zelfs gedateerd ten opzichte van de Nederlandse supermarkten, maar bevatten desondanks veel elementen waar ook een Nederlandse ondernemer zijn of haar voordeel mee kan doen. Zo heeft de lokale keten Doc* in haar bio-afdeling de koelingen geïntegreerd in het kw-schap en hebben ze een schitterende vloer met houtstructuur, die gemaakt is van Italiaans tegelwerk. In combinatie met een uitgekiende verlichting geeft deze vloer de winkel een bijzonder warm en eigen karakter. Datzelfde geldt voor de 41 Super Elite's van de eigenzinnige ondernemer Franco Fedeli. Deze zijn direct herkenbaar door de bijzondere verlichting, de lay out en de keuze voor houten stellingen. Ook de inrichting van de versafdelingen en de actiestraat met alleen maar verrijdbare koelmeubelen, maken deze winkels onderscheidend ten opzichte van de Italiaanse collega's.

Passie
Italië lijdt flink onder de heersende recessie. De werkeloosheid in het Mediterrane land stijgt en tegelijkertijd daalt de koopkracht en het consumentenvertrouwen. Toch verliest een Italiaan nooit zijn passie voor eten. En als we door de winkels van Super Elite en Doc* lopen begrijpen we ook wel waarom. Ten opzichte van de grote hypermarkten en superstores weten zij de perfecte beleving te creëren op het gebied van sfeer, authenticiteit en hartstocht voor het product. Dit alles in combinatie met een optimaal gevoel voor de kansen in de lokale markt. Het zelfstandig ondernemerschap in Nederland zal het de komende jaren zwaar krijgen, maar als het in staat is om zijn krachten te bundelen en onderscheidend vermogen te creëren op de terreinen die Italiaanse collega's bewandelen, dan zal het nog vele jaren toegevoegde waarde kunnen bieden aan consumenten die een passie hebben voor lekker en authentiek eten.

terug naar boven


Oslo zet met Mathallen tegenaanval in op prijskopers

OSLO/ETTEN - De Noren staan niet bekend als culinaire genieters. Sterker nog, de meeste Noren laten zich bij hun maaltijdkeuze volledig leiden door het beperkte assortiment van de lokale supermarkt en de aanbiedingen aldaar. Door het strenge invoerbeleid zijn kwalitatief goede en verse producten duur en is het aanbod sterk wisselend. Critici vragen zich dan ook af of de komst van Mathallen, dit voorjaar geopend in het centrum van Oslo, in deze prijsgeoriënteerde markt het tij kan keren.

Lange tijd was Noorwegen één van de Scandinavische landen die geen spraakmakende foodmarkt had. De omringende landen hebben inmiddels allemaal hun paradepaardjes, zoals Stockholm de Ostermalms- en de Hotogshallen, Helsinki de Kauppahall Foodmarket en is in Kopenhagen de Torvehallerne de locatie die bezoekers doet watertanden. Met de realisatie van Mathallen kan nu ook Oslo zich de trotse bezitter van een eigentijdse foodmarkt noemen. Mathallen, gevestigd in een oude fabriekshal, heeft misschien niet de allure van de eerder genoemde verspaleizen, het is wel degelijk een inspiratieplaats voor foodlovers. Ruim dertig stands, variërend van 20 tot 100 vierkante meter, bieden de bezoeker een keur aan verse en lokale producten, zoals groenten en fruit, vis, vlees, maaltijden, delicatessen en fairtrade producten. De verkoopruimtes zijn zo ingericht dat bezoekers alle handelingen en productieprocessen kunnen zien. Op de eerste verdieping bevinden zich trainingsruimtes en twee grotere restaurants.

      

Verleiding
In een omgeving die het midden houdt tussen retail en horeca, bepaalt de consument zelf of hij de producten meeneemt voor thuis, of ter plekke consumeert. De verleiding om voor die laatste optie te kiezen is groot. Op diverse plaatsen bieden horeca-achtige stands en een centraal gelegen terras gelegenheid om in een ontspannen sfeer te genieten van de duizenden lekkernijen. Op de bijna 4400 vierkante meter grote, overdekte markt presenteren zich diverse fabrikanten, zoals de grootste Noorse zuivelaanbieder Tine. Deze monopolist op de Noorse markt heeft een stijlvolle proefkeuken ingericht waar de consument kennis kan maken met nieuwe en bestaande producten. In de luxe keuken kunnen proeverijen en demonstraties gehouden worden, maar er staan ook koelingen en presentatiemeubelen voor de directe verkoop. 

Coffeecorner
Verkopen doen ze ook volop bij de sfeervolle coffeecorner van Mathallen. De tijd om een kopje koffie te zetten gebruikt het bedienend personeel om de klant alles te vertellen over de gebruikte bonen en het zetproces. Puur en ambachtelijk. Dat is wat deze aanbieder wil uitstralen en daarmee symboliseert de exploitant de missie en visie van Mathallen. De meningen van de Focusplazaleden die onlangs een bezoek aan Oslo brachten zijn verdeeld. Sommigen bejubelen het concept en vragen zich af waarom er in Nederland niet zoiets is. Anderen zetten er vraagtekens bij en denken dat een initiatief in een land waar alles om de prijs draait, gedoemd is te mislukken. Over één ding is iedereen het wel eens: als dit in Oslo, waar alles om de prijs draait, een succes wordt, dan zijn er ook kansen voor een dergelijk marktconcept in Nederland!

terug naar boven


Ze maken héél lekkere dingen bij Eataly in Rome

ROME/ETTEN - Onlangs bezochten we met Focusplaza het nieuwste paradepaardje van Eataly in Rome. Eataly heeft ook vestigingen in Milaan, Turijn en New York. Hoewel ik niet ondersteboven was van de winkels die ik eerder zag, is wat ze in Rome hebben neergezet absoluut indrukwekkend!

Van de 22 Eataly-vestigingen is de winkel in Rome ongetwijfeld het meest inspirerende foodwalhalla dat grondlegger Oscar Farinetti sinds 2007 geopend heeft. Eataly noemt zichzelf ‘een nieuwe manier van distributie van levensmiddelen van de best beschikbare niet-industriële producten' en is geïnspireerd door de kernwoorden samen delen, duurzaamheid en verantwoordelijkheid. Het klassieke supermarktmodel vindt Farinetti achterhaald. "Grote supermarktketens verdienen hun geld vooral aan inkoopzijde. Door leveranciers zo weinig mogelijk te betalen, komt de kwaliteit onder druk te staan. Dat is verkeerd", aldus Farinetti. Eataly Rome is dan ook meer dan een gigantische supermarkt met kwaliteitsproducten. Op de bovenste verdieping is een kookschool gevestigd. Niet zo maar een leskeuken, maar een schitterende designschool ontworpen door het bekende Italiaanse bureau Arclinea. Op dezelfde verdieping bevindt zich ook het Ristorante Italia. In dit verreweg beste restaurant van Eataly met een geweldig uitzicht over Rome, worden nagenoeg uitsluitend producten van Italiaanse bodem gebruikt. In totaal biedt Eataly Rome 23 verschillende eetgelegenheden, veelal met open keukens. En het mooie is dat alle producten die de koks gebruiken, ook kunnen worden gekocht voor thuis. ‘Hier eten we wat we verkopen en verkopen we wat we eten', is dan ook Eataly's motto.

      

Hart
Maar mijn supermarkthart gaat pas echt sneller slaan, als we op de begane grond kennismaken met het imposante foodaanbod in verleidelijke, vaak ambachtelijke presentaties. Italiaanse panino-broodjes, Napolitaanse buffelmozzarella, talloze kaassoorten, regionaal vlees, vloeibare chocolade van Venchi en culinaire producten als zelftapwijn, vis en Italiaans ijs laten de bezoekers watertanden. Alles bij elkaar bijna 15.000 eersteklas voedingswaren verdeeld over vier etages met een verkoopruimte van 17.000 m2. Als rechtgeaarde, bierminnende Achterhoeker kan ik het niet laten om ook nog een bezoek te brengen aan Eataly's brouwerij op de eerste verdieping. Deze attractieve microbrouwerij met honderden variëteiten in de fles en twaalf soorten op tap, is een symbool voor de groeiende trend van kleine Italiaanse brouwerijen die weer ambachtelijk bieren zijn gaan brouwen. Voor Eataly Rome heeft een beroemd bierbrouwerstrio drie nieuwe speciaalbieren ontwikkeld. Heerlijk!

Ambities
Eatlay Rome is een culinaire attractie met hoge ambities. Binnen een jaar moeten dagelijks twintig- tot dertigduizend bezoekers binnenstappen om producten te kopen en meer dan 6.000 gerechten te eten in de verschillende restaurants. Daarbij moet dan jaarlijks zo'n 45 miljoen euro in de kassa van Eataly Rome stromen. De toekomst zal leren of ze dit lukt. De opdruk op de T-shirts van de gemotiveerde medewerkers wordt wel helemaal waargemaakt: Facciamo cose bueno, oftewel ‘We maken lekkere dingen'. En dat klopt!

terug naar boven


Wie bij Eli Zabar boodschappen doet, betaalt voor de passie

ETTEN - 'Ik geef mijn ziel aan de producten en jullie betalen voor mijn ziel'. Eli Zabar zit er geen seconde mee dat veel mensen kritisch zijn over zijn hoge prijzen. Sterker nog, het is het handelsmerk geworden van deze succesvolle en invloedrijke retailer uit New York.

Eli Zabar zegt dat zijn passie voor voeding is ontstaan door zijn woede over de industrialisering van de Amerikaanse voeding. Daarnaast voelt hij een verantwoordelijkheid om zijn kennis van koffiearoma's kruiden, specerijen en andere kruidenierswaren over te dragen op de 40.000 klanten die wekelijks een bezoek brengen aan het foodimperium van deze gepassioneerde joodse gruttersfamilie. De winkels en restaurants van de gebroeders Zabar zijn een begrip in New York. Menig bekende tv- kok heeft er wel eens zijn boodschappen gedaan en talloze artiesten zoals Woody Allen hebben zich laten filmen terwijl ze bij Zabar winkelden. Eli en zijn broer Saul staan ook bekend als autoriteit op het gebied van voeding door hun interviews in de glossy boulevardbladen.

Positie verstevigen
Hun kennis over lekker eten vertalen ze naar een hoge prijs voor de vele maaltijden, soepen, pasta's en het brood dat ze in eigen huis maken. De meeste klanten hebben het er graag voor over.Terwijl concurrenten als Dean & Deluca en Balducci's het hoofd niet boven water konden houden en opgingen in grotere coöperaties, weten de gebroeders Zabar hun positie op de foodmarkt verder te verstevigen. Ze hanteren daarbij een zeer eigenzinnige visie, waarbij ze zich niets aantrekken van andere ketens. Toen naaste concurrent Fairway met veel prijsgeweld enkele nieuwe vestigingen opende, verhoogde Zabar gewoon de prijzen, onder het motto dat de producten met nog meer passie werden bereid dan in het verleden.

      

Verdienen
Toch ontkennen beide broers in alle toonaarden dat het in hun bedrijf met een omzet van ruim 50 miljoen dollar louter om geld verdienen gaat. "Het is onze liefde voor het vak en lekker eten dat ons er toe drijft om zeven dagen per week met ons bedrijf bezig te zijn", aldus Saul in een interview. Bijna 40 koks werken dagelijks aan de ruim 300 verschillende klant- en klaarmaaltijden van de retailer die ook nog restaurants, cafe's, buurtwinkels en bakkerijen uitbaat. "We zijn begonnen in een klein buurtwinkeltje van nog geen 200 vierkante meter. Toen onze klanten steeds meer begonnen te reizen, kregen ze interesse in voeding die ze elders proefden. Dat bood nieuwe kansen", aldus Eli Zabar.

Het assortiment van Eli Zabar in Manhattan is geïnspireerd op de Europese foodmarkten die de joodse broers ooit bezochten. Vooral de foodhallen in Londen en Parijs hebben veel invloed gehad op het assortiment van deze winkel die 15 jaar geleden haar deuren openende. Veel van de versproducten daarentegen hebben een lokale oorsprong of zijn biologisch geteeld en worden nog door de broers zelf ingekocht. Deze producten worden deels verwerkt in heerlijke gerechten, jams en kant-en-klaar maaltijden. Het brood dat Zabar in een eigen bakkerij bakt, wordt geleverd aan bijna 1.000 restaurants. 

terug naar boven


Heimwee naar Spar

ETTEN - Tijd nemen voor een bezoek aan Spar? In Nederland zul je dat wellicht niet zo snel doen. Maar als je toch de wintersportvakantie doorbrengt in Oostenrijk, dan is dat zeker een aanrader. Daar waar Spar in ons land vooral een buurt- of gemaksfunctie heeft, is deze winkelformule in het Oostenrijkse berglandschap een ware inspiratiebron voor supermarkten en hypermarkten. Op het gebied van assortiment, maar ook als het gaat om duurzaamheid en winkelbeleving kunnen we veel leren van deze winkelketen die met een ingrijpend veranderingsproces in Nederland ook weer stevig aan de weg timmert.

Dominante marktpositie
Oudbollig of duur. Dit zijn ongeveer de laatste woorden waarmee je de Sparwinkels in Oostenrijk zou willen beschrijven. Eerder het tegenovergestelde. De meeste winkels zijn zeer innovatief, eigentijds en kunnen de (prijs)concurrentie met hun omgeving prima aan. Een dominante marktpositie bevestigt de juiste koers van deze supermarktorganisatie.  Vroeger moest je naar Zuid Afrika om schitterende voorbeelden van onze voormalige nationale trots te zien. Tegenwoordig kan dat gelukkig ook veel dichter bij huis.

      

Maar wat maakt Interspar en EuroSpar dan zo aantrekkelijk voor de consument? Allereerst het gebruik van veel daglicht. De meeste grotere Sparvestigingen in Oostenrijk hebben een glaspui, waardoor er veel daglicht naar binnen valt. Dit geeft een zeer aangename sfeer bij de entree van de winkels en verhoogt de attractiviteit van de agf afdelingen die vaak aan het begin van de winkel liggen. Maar ook de communicatie op de (vers)afdelingen en de aandacht voor duurzaamheid en eerlijkheid werken sfeerverhogend. In combinatie met andere sfeermakers en een goede verlichting geeft de inrichting de klant het vertrouwen dat ze op de juiste plek haar inkopen doet. Dit gevoel wordt nog eens versterkt door een aantrekkelijk en volledig assortiment dat met veel prijsgeruststellende uitingen gepresenteerd wordt. Slim kleurgebruik en een goede assortimentsopbouw ontnemen de klant de argumentatie om elders op zoek te gaan naar een beter of goedkoper aanbod.

Totaal plaatje
We hebben tijdens ons bezoek aan Oostenrijk diverse Sparvestigingen bezocht. Telkens kwamen we tot de conclusie dat de winkels uitstekend in balans zijn, waardoor ze klanten aan zich weten te binden. Consumenten kiezen vaak in eerste instantie voor een winkel die dichtbij ligt. En die met goede parkeervoorzieningen goed bereikbaar is. Als dat klopt, zal de klant alleen nog wegblijven als er in het winkelspel fouten worden gemaakt. Bijvoorbeeld op het gebied van verkrijgbaarheid, zichtbaarheid, duidelijkheid of attractiviteit. Dat heeft Spar in de door ons bezochte winkels uitstekend begrepen. We konden niet anders dan concluderen dat de klant van Spar eigenlijk geen enkele reden meer heeft om elders te gaan winkelen. En als een kritische klant met een ochtendhumeur dan toch nog iets zou kunnen bedenken, dan is er altijd nog het vriendelijke personeel, dat met een deskundig advies alle bezwaren van tafel veegt. Jammer dat we in Nederland door de jaren heen dit grotere en inspirerende broertje van onze Spar zijn kwijtgeraakt. 

terug naar boven


Thuis uit eten biedt nieuwe kansen

DOETINCHEM - Meer van hetzelfde. Dat is het gevoel als ik naar het kerstassortiment van de Nederlandse supermarkten kijk. Wie nooit over de grenzen kijkt, zal wellicht denken dat dat nog wel meevalt, maar als je rond Kerst bijvoorbeeld een Carrefour in Brussel of Schoten binnenwandelt, ontdek je dat het met het Nederlandse aanbod momenteel zeer somber gesteld is.

Alle cijfers laten zien dat Nederland onder druk van de recessie de hand op de knip houdt en minder buiten de deur eet. Steeds vaker vullen we onze caloriebehoefte in met producten die we in de supermarkt gekocht hebben, terwijl we misschien juist wel graag het onthaast- en verwenmoment buiten de deur hadden willen opzoeken. Dat biedt kansen voor de supermarkt, zou je haast zeggen. Immers, als mensen allerlei lekkere en goede maaltijdcomponenten in de supermarkt zouden kunnen kopen, dan is het helemaal geen straf om bijvoorbeeld thuis Kerstfeest te vieren. Je zou dan ook denken dat supermarkten massaal de kans aangrijpen om te laten zien dat thuis uit eten ook een feest kan zijn.  Alleen slagen ze daar maar niet in. Door de wijze waarop de Nederlandse inkoop geregeld is en het gebrek aan kennis en tijd bij categorymanagers, gaat alles weer op de automatische piloot en kiezen we massaal voor zekerheid met assortimenten die te weinig onderscheidend vermogen opleveren. Velen zullen nu getergd aankaarten dat bijvoorbeeld Albert Heijn toch wel een heel mooi kerstassortiment heeft en dat de Lidl-folder dit jaar ook bijzonder uitnodigend is. En ja, in vergelijking met wat anderen doen is dat wellicht ook best een aardige prestatie. Maar zodra je ook maar een paar kilometer over de grens gaat, ontdek je dat het met het (vers)aanbod toch maar zeer droevig gesteld is. 

      

Wegmans
Ik ben alleen bang dat de gevestigde orde van supermarkten door hun systemen nauwelijks meer in staat zijn om het tij te keren. Kleine leveranciers met vaak schitterende productconcepten krijgen in Nederland helaas zelden meer een kans. Ik daag daarom iedere categorymanager en inkoopverantwoordelijke uit om de komende dagen eens door een Belgische supermarkt te lopen, om te ontdekken dat onderscheidend vermogen met een geweldig verleidelijk versassortiment nog wel degelijk kan. En vervolgens aan de slag te gaan om mogelijkheden te creëren zodat innovatieve en verleidelijke leveranciers weer een kans krijgen. Ik hoop dat Jumbo Breda en Fooddrome in Venlo het komend jaar hun deuren kunnen gaan openen, om te laten zien dat er nog volop kansen zijn om als retail de rol van horeca en foodservice op maaltijdgebied op te pakken. Juist deze tijd biedt daarvoor alle mogelijkheden. Onlangs waren C1000-ondernemers in de Verenigde Staten om te kijken hoe Wegmans erin slaagt om retail en horeca naadloos in elkaar te laten overvloeien. Er is veel productie op de winkelvloer en de klant kan kiezen uit een geweldig aanbod vers bereide producten. Ik begrijp goed waarom deze supermarktketen voor Jumbo een lichtend voorbeeld is en dat zij daar veel inspiratie hebben opgedaan voor de nieuwe winkel in Breda. Branchedeskundigen zullen wel weer redenen weten te bedenken, waarom dit soort concepten in Nederland geen kans van slagen hebben, maar ik zou het toejuichen als we ook in Nederland weer winkels krijgen die ons willen verwennen met verrassende en innovatieve versconcepten. Van grijze muizen krijg ik geen trek.

terug naar boven


Klein wordt weer fijn bij Thornton's Budgens in Londen

LONDEN - "Winkels zijn zelden te klein, maar al gauw te groot",  is een uitspraak die we onlangs optekenden uit de mond van een directielid van Whole Foods. Die zienswijze begint langzamerhand door te dringen bij  andere supermarktorganisaties. Mooi voorbeeld hiervan is Thornton's Budgens dat in Londen een opmerkelijke formule toont.

Waar in supermarktland tot voor kort de focus lag op steeds grotere winkels, is er nu internationaal veel interesse voor formuleconcepten voor kleinere winkels. Logisch want het zijn steeds vaker die kleinere (gemaks)winkels die verrassend winstgevend zijn. Maar ook vanwege de sfeer en de beleving hebben de klanten veel meer gevoel bij deze supers dan bij de onpersoonlijke hypermarkt. Wie belangrijke trends als authenticiteit, gemak, eerlijkheid en het verhaal achter producten wil vertellen, komt in een grote supermarkt al snel ongeloofwaardig over. Kleinere winkels lijken op dit gebied een voorsprong te hebben. Ze zijn geloofwaardiger als het gaat om betrokkenheid en originaliteit. Bovendien bieden ze een praktische oplossing voor tijdsdruk en keuzestress en dat is weer een belangrijke meerwaarde bij het boodschappen doen. 

      

Authentiek
Wie nog twijfelt aan de onderscheidende kracht van kleinere winkels zou eens een bezoek kunnen brengen aan Thornton's Budgens in Londen. Deze authentieke zelfstandig ondernemer heeft een zeer succesvolle winkel van circa 700 m2 waar hij wekelijks meer dan 200.000 euro omzet.  Geen convenience-winkel zoals Waitrose little, Sainbury Local of Tesco Express, maar een slimme en duurzame wijkwinkel die optimaal profiteert van veranderingen in de maatschappij.
Met een assortiment producten 'Made in London' dat wordt geleverd door vijftig lokale producenten geeft Thorton's invulling aan zijn maatschappelijke betrokkenheid. Bovendien heeft hij op het dak van zijn winkel een volledige tuin, waarvan de producten zomers als 'Fruit from the Sky' in de winkel worden verkocht. Scholieren hebben rondom de winkel hun eigen plekje waar ze kruiden en andere planten verbouwen en op kramen voor de supermarkt kunnen lokale telers hun waar aanprijzen.
"Je kunt zo groen zijn als je wilt, maar als je je niet zichtbaar inspant voor de directe omgeving, zul je nooit geloofwaardig zijn", aldus Andrew Thornton. De meerwaarde ligt in de lokale gemeenschap waar ze goed luisteren naar de wensen van hun klanten en daar spelen ze succesvol op in. En als het daardoor soms erg druk is in de winkel dan hebben klanten het bewijs dat ze een goede keuze gemaakt hebben. Dat is een beter gevoel dan door een grote, efficiënt ingerichte winkel lopen waar de extra koopsfeer van een winkelende mensenmassa op veel momenten ontbreekt. Big is not always beautiful! 

terug naar boven


Consument is ongerust en wil weten waar z'n eten vandaan komt

DOETINCHEM - Sinds enkele jaren is "story-telling" het nieuwe marketingwoord. Consumenten zijn ongerust gemaakt en willen weten waar hun voedsel vandaan komt.  Wereldwijd spelen supermarkten hier op in door hun klanten met alle mogelijke claims en verhelderende foto's in hun winkels gerust te stellen. Maar dan moet het verhaal er achter wel kloppen.

Bezorgd welzijn is de heersende trend. Onder invloed van de media voelen steeds meer consumenten de noodzaak om zichzelf de vraag te stellen of ze wel goed bezig zijn. Als ik dit koop, ben ik dan goed voor mezelf; of ben ik goed voor mijn kinderen en mijn gezin? En draag ik ook nog een beetje bij aan een betere wereld?  De moderne mens wordt steeds meer heen en weer geslingerd tussen hun schizofrene persoonlijkheid als brave burger en als prijsbeluste consument. Als consument maakt ze haar keuze het liefst op basis van de portemonnee en als burger wil ze dat het verhaal achter het product klopt. 

      

Camoufleren
Supermarkten rollen over elkaar heen om maar zo hard mogelijk te roepen dat ze duurzaam en verantwoord bezig zijn. Soms met als enige doel om weer een nieuwe bezuinigingsronde te camoufleren, maar wat maakt dat uit. Die naïeve en wispelturige consument wil toch gewoon voor de gek gehouden worden? Dus wij vertellen wel dat we alleen zaken doen met duurzame leveranciers en dat faire-trade in onze inkoopfilosofie een vanzelfsprekendheid is. En als de klant graag wil horen dat al onze producten lokaal geproduceerd zijn, dan verkondigen we dat natuurlijk graag. Maar de consument laat zich door alle media-uitingen niet meer van alles op de mouw spelden. Helaas hebben veel supermarkten en industriële ondernemingen dat nog niet door, of ze nemen het risico maar. En juist dat laatste is levensgevaarlijk. Want voor je het weet is met een verkeerde claim een zorgvuldig opgebouwd imago van jaren naar de knoppen. Wie beweert dat zijn producten eerlijk, duurzaam en gezonder zijn, moet dat kunnen bewijzen. En als we de suggestie wekken dat producten direct van het land komen, dan moeten we trajecten daadwerkelijk verkorten. Maar als we alleen maar met  kreten op mooie borden suggereren dat we bewuster en diervriendelijker zijn dan de concurrentie, wordt die mooie marketingtool op termijn een duurzame nagel aan de doodskist.

Dubieus
Helaas heb ik de afgelopen jaren internationaal veel voorbeelden gezien van dubieuze "story-telling". En anderen die dit zien, kopiëren die succesvolle en onderscheidende claims maar al te graag voor hun eigen onderneming. Want om authentieke producten te verkopen, hoef je het zelf natuurlijk niet te zijn. Maar voor je het weet heb je een nominatie als "Liegbeest van het Jaar te pakken". En dat is precies wat enkele grote bedrijven onlangs is overkomen. Maar dat is natuurlijk de schuld van hun eigen onzorgvuldigheid en dat zult u als bewuste marktspeler niet over uzelf afroepen. En als het toch gebeurt, is het maar te hopen dat de consument nog een beetje diervriendelijk is voor de liegebeesten. 

terug naar boven


Opdat wij nooit vergeten...

DOETINCHEM - Tijdens één van onze reizen zagen we bij de Amerikaanse supermarktketen Stew Leonard‘s een grote rots waarin hun twee gouden regels gebeiteld staan. Regel één; de klant heeft altijd gelijk en regel twee: als de klant een keer geen gelijk heeft, geldt regel één.

Veel bedrijven hebben spreuken of foto's aan de wand die eraan herinneren waarom de grondlegger het bedrijf ooit is gestart. We kennen allemaal het bronzen beeld van huisvrouw Beppie, dat AH-mensen dagelijks confronteert met de missie van deze beursgenoteerde grootgrutter. Toen ik ongeveer 15 jaar geleden voor mijzelf begon, deed ik dat omdat ik mensen en bedrijven wilde helpen met datgene wat ik kan of weet. Delen van kennis en ervaring geeft voldoening. Die klantgerichte houding en de behoefte om te handelen vanuit vragen en behoeften uit de markt heeft Focusplaza gemaakt tot wat het vandaag de dag is. Maar als we niet oppassen, verdwijnt deze servicegerichte insteek gemakkelijk naar de achtergrond en worden we gedreven door spreadsheets vol met financiële doelstellingen. Op zich logisch, omdat een snel groeiend bedrijf nu eenmaal veel (vaste) kosten en verplichtingen heeft die vanuit rendement gefinancierd moeten worden. Maar inspiratieloze tabellen en grafieken zijn niet de reden waarom wij bestaan. Het oplossen van vragen en het invullen van (kennis)behoefte uit de markt is onze belangrijkste motivatie.

Als ik tijdens onze inspiratiereizen en praktijktrainingen op kantoren of in kantines van supermarkten of productiebedrijven kom, zie ik daar wanden vol met omzetdoelstellingen, dervingsgrafieken en andere cijfers die over opbrengst en kosten gaan. Het lijkt soms wel of iedereen in dienst is van de boekhouder en zijn verlies- en winstrekening. Maar bedrijven bestaan bij de gratie van de klant en zijn loyaliteit. Al die cijfertjes en getallen zijn uiteindelijk gewoon het resultaat van het succesvol plezieren van die klant.

De uitdaging ligt in het beter leren kennen en begrijpen van je klant, zodat je zijn behoeften aanvoelt en wellicht kunt oplossen. Dat klinkt idealistisch en naïef. De praktijk heeft echter geleerd dat succesvolle merken als Ikea, Nike en Apple groot zijn geworden door het realiseren van een passie en niet louter door het verkopen van mooie producten. Gelukkig komen we ook in de levensmiddelenbranche veel voorbeelden tegen van bedrijven die zich zeer bewust zijn van hun oorspronkelijke missie. Als we met z'n allen daar de focus op blijven houden en minder handelen vanuit belangen van aandeelhouders en controllers, dan gaan we weer een geweldig mooie tijd tegemoet. En zal de consument ondanks alle bezuinigen en lastenverzwaringen ook in de toekomst een belangrijk deel van zijn besteedbaar inkomen blijven uitgeven aan lekker eten en drinken. Het bijkomend voordeel van de focus op de core-business is dat het veel plezier en voldoening geeft, omdat je dan bezig kunt zijn met dingen die je goed kunt en graag doet.

terug naar boven


Denn's wil teveel op een supermarkt lijken

KREFELD - Mijn kinderen weten niet beter. Als we op vakantie zijn, dan moeten er ook altijd winkels worden bekeken. Tussen de vakantiekiekjes zitten steevast opnames van versafdelingen, winkelpuien, communicatie-uitingen, verpakkingsinnovaties of andere nieuwe winkelonderdelen. Afgelopen week waren we in de omgeving van Krefeld waar we niet geheel toevallig een nieuwe Denn's Biomarkt aantroffen. 

Ik was erop geattendeerd door branchegenoot Wim van Gennip die aangenaam verrast was door deze winkel met een mooie kaas- en broodafdeling.  Deze laatstgenoemde cockpit bleek overigens bij navraag een concessionair te zijn, die op verzoek zijn uitingen in lijn met de winkelformule van Denn's had gebracht. In Duitse supermarkten is het gebruikelijk dat er meters worden verhuurd aan de plaatselijke of regionale bakker. Dat ze hun eigen identiteit inleveren om zo één geheel te kunnen vormen, is echter minder gebruikelijk. Voor Denn's overigens een prima zet, want hierdoor kreeg de winkel in combinatie met de goed verzorgde agf-afdeling een aantrekkelijk entree die bij mij hoge verwachtingen opriep.

   

Ook het buitenaanzicht had mijn verwachtingen voor dit winkelbezoek al behoorlijk opgeschroefd. Een moderne pui met enorme foto's van versproducten deed vermoeden dat mijn smaakpapillen tot het uiterst toe verleid zouden worden. Ik koesterde de stille hoop dat ik eindelijk de bevestiging zou krijgen dat bio echt beter, gezonder en verser is dan het doorsnee aanbod van een supermarkt. Tot nu toe heb ik namelijk nog erg veel moeite om de echte meerwaarde van bio helder op het netvlies te krijgen. Ondanks goedbedoelde pogingen van winkelketens in binnen-en buitenland ben ik nog weinig overtuigende initiatieven tegengekomen die van mij een bio-ambassadeur kunnen maken. Whole Foods Market lukt dat wel omdat ze mij niet confronteren met producten met allerlei bio-keurmerken, maar met verhalen over eerlijke en lokale producten die mij met verleidelijke presentaties overtuigen dat eten iedere dag weer een feest kan zijn. En dan word ik enthousiast en wil ik daar best iets meer voor betalen.

Denn's is daar met hun mooie eigentijdse winkel in Krefeld niet in geslaagd. Hoewel de winkelketen met circa 100 filialen in Duitsland en Oostenrijk de concurrentie met een doorsnee supermarkt glanzend kan doorstaan, hebben ze mij niet kunnen overtuigen dat ik mezelf met het aanbod van een reguliere supermarkt tekort doe. Misschien wil Denn's juist wel te veel op een moderne supermarkt lijken, waardoor ze de meerwaarde van hun producten en filosofie niet meer geloofwaardig over de bühne kunnen brengen. Mooie en goedbedoelde foto's van producenten/leveranciers  bij de vers- en wijnafdelingen kunnen daar dan niets meer aan veranderen. Traditionele natuurwinkels kunnen ongetwijfeld veel leren van een bezoek aan Denn's, maar wie naar een geloofwaardige oplossing zoekt om grote groepen consumenten te verleiden met producten die beter zijn voor mens, dier en milieu zal toch elders zijn licht moeten opsteken.

terug naar boven


Marks & Spencer produceert weer op de winkelvloer

LONDEN - Hoe vertaal je trends als beleving, authenticiteit en ambachtelijkheid naar toegevoegde waarde op de winkelvloer? In Londen, het foodmekka van Europa weten ze wel raad met deze vraag. Op minder dan een uur vliegen liggen de ideeën en voorbeelden voor het oprapen. Althans zo lijkt het, want de komende maanden wordt de Britse foodretail weer overspoelt met Nederlandse vakgenoten die op zoek zijn naar nieuwe initiatieven en ideeën in de strijd om de gunst van de consument.

Creatief
Met name op het gebied van instore communicatie, promotie-uitingen en het creëren van onderscheidend vermogen zijn de Engelsen een ware inspiratiebron. Hoe ga je om met lokaal geproduceerde versproducten? Hoe communiceer je met de klant over formule-uitgangspunten? Hoe geef je invulling aan beleving en authenticiteit en wat is de ultieme doorvertaling van gemak of convenience? De Britten weten - net als wij- dat het juiste antwoord op dit soort vragen winst of verlies kan betekenen in de strijd om meer marktaandeel. Maar het lijkt wel alsof zij net iets creatiever en vindingrijker zijn dan de vakbroeders op het vaste land. Wellicht omdat de Britse supermarkten meer hun eigen koers varen en zich minder laten leiden door de initiatieven van concurrenten. 

   

Experimenteren met ambacht
In het verleden werd wel eens gezegd dat de Britten veel meer konden experimenteren vanwege de extreem goede marges op de producten, maar deze veilige speelruimte hebben ze inmiddels in de verhevigde concurrentiestrijd volledig ingeleverd. De strijd om de consument is ongekend fel en ketens als Tesco, Sainsbury's, Asda, Waitrose en Morrissons moeten alle registers open trekken om de consument  aan zich te binden. Ook Marks & Spencer ontkomt er niet aan om in het sterk veranderende speelveld oude waarden los te laten en op zoek te gaan naar nieuwe initiatieven om daarmee hun positie veilig te stellen. In hun nieuwste winkels wordt volop geëxperimenteerd met het doorvertalen van belangrijke consumententrends. De zelfbedieningsgedachte in vers is daarbij deels losgelaten en op enkele ambachtelijke afdelingen worden zelfs producten ter plekke geproduceerd.

Kopiëren
Ambachtelijke bereiding op de winkelvloer is al jaren een sterk concurrentiewapen van concurrent Morrissons. Het is dan ook niet verwonderlijk dat Marc Bolland, de topman bij M&S, dit succes van zijn oude werkgever nu ook heeft geïntroduceerd bij zijn huidige broodheer. Maar of dat nu zo verstandig is, waag ik te betwijfelen. De geschiedenis heeft inmiddels toch wel geleerd dat een succesvolle winkelformule een uitgekiend samenspel is van componenten die nauw op elkaar zijn afgestemd en dat je niet straffeloos enkele losse onderdelen kunt overbrengen naar andere concepten. Je laten inspireren door het succes van een ander, is nog steeds iets anders dan het simpelweg kopiëren van onderdelen. Dat is een les die wij als Nederlanders inmiddels toch wel hebben geleerd? 

terug naar boven


Van Ikeafood naar Östermalms Saluhallen

STOCKHOLM - Ikea laat Nederland volop kennis maken met Zweedse levensmiddelen. In steeds meer vestigingen opent de Zweedse woongigant forse foodafdelingen met een keur aan typisch Zweedse producten. En de consumenten vinden het prachtig. Na een dagje ‘woonshoppen' belonen klanten zichzelf met levensmiddelen die in geen enkele andere supermarkt te vinden zijn. Hoog tijd dus om eens af te reizen naar de bakermat van de blauw-gele probleemoplosser die traditionele branchegrenzen in een sneltreinvaart doet vervagen.

Wie de koffers pakt voor een bezoek aan het land van het Knäckebröd kan zich verheugen op een kennismaking met een gevarieerd winkelaanbod. Belangrijke supermarktketens in de hoog geconcentreerde Zweedse markt zijn o.a. de ICA-groep, Coop en Axfood (Willy's en Hemkøp). Al deze spelers hebben vestigingen in de hoofdstad Stockholm. Dit is dan ook bij uitstek de plek voor een inspirerende foodsafari door het Zweedse levensmiddelenlandschap. Leerzaam vanwege de verschillende winkelformats, maar ook omdat er in bijna geen enkel land zulke grote prijsverschillen zijn als juist in deze markt van negen miljoen consumenten. Grote afstanden en regionale verschillen in concentratie en kwaliteitsstandaarden zijn enkele belangrijke oorzaken van deze prijsdifferentiatie.

   

Östermalms Saluhall
Wie de traditionele supermarkten op zijn lijstje heeft staan, moet zeker ook eens gaan kijken bij Östermalms Saluhall. Kennis, beleving en kwaliteit zijn de drie pijlers van deze beroemdste "foodhall" van Zweden. Iedere dag opnieuw zijn de klanten zowel controleur, jury als winnaar. Door geen enkele dag te sjoemelen of concessies te doen aan de uitgangspunten heeft deze indrukwekkende versmarkt al vele decennia een topreputatie tot ver buiten de landsgrenzen. Er zijn een aantal Saluhallen in Stockholm. Dit zijn overdekte centra waar je fruit, groente, vlees, koffie, thee, noten etc. kunt kopen. Je kunt er vaak ook prima eten. Maar de meest indrukwekkende hal blijft de Saluhall op Östermalms torg. Een culinaire tempel in de trant van Zuid-Europese markten als La Bogeria en Mercado de San Miguel. Nergens in de stad vind je zo'n keur aan delicatessen van hoge kwaliteit onder één dak. Als je van lekker eten houdt, dan is rondwandelen in Östermalms Saluhallen een waar genot. Verse vis, groenten en fruit, luxe chocola, verschillende soorten geurige thee van de hoogste kwaliteit en dat alles prachtig uitgestald in stands vol typisch Zweedse producten. Ook vind je hier waanzinnig grote oesters en andere schaaldieren. Daarnaast is er kaviaar te koop tegen een prijs waar je in Nederland alleen maar van kunt dromen. Bedienden van het koninklijk huis staan dan ook gebroederlijk met Jan Modaal in de rij om verse producten te kopen die ze elders in Stockholm niet in deze prijs-/kwaliteitsverhouding zullen aantreffen. Dit alles onder het motto: "Rich people love low prices and poor people need low prices". 

IKEA
En onder dat motto richt Ikea nu ook haar foodafdelingen in. Waar voorheen in de shops zo'n 150 bekende Zweedse merkproducten werden verkocht, moeten deze nu plaats maken voor een goedkoper assortiment onder het IKEA-merk. Want ook hierin blijft IKEA haar filosofie trouw in het betaalbaar maken van kwalitatief hoogwaardige producten voor mensen met een laag besteedbaar inkomen. 

terug naar boven


Nieuwe Whole Foods Market op Piccadilly Circus het 'perfecte antwoord'

LONDEN - Whole Foods Market heeft op Piccadilly Circus in de Britse hoofdstad Londen in mei een nieuwe vestiging geopend. Iets kleiner dan de vestiging op Kensington Highstreet, maar zeker zo inspirerend. 

Er zijn maar weinig supermarkten in Nederland die zich zouden willen typeren als ‘the evil between consumer and producer'. Supermarkten leveren toch juist toegevoegde waarde? Ze vergemakkelijken het koopproces door producten in een aantrekkelijke omgeving bij elkaar te brengen en te voorzien van relevante informatie. Dat is toch een belangrijke functie in de distributieketen? Bij Whole Foods Market denken ze daar blijkbaar anders over. Ze zagen een ontwikkeling dat consumenten een belangrijk deel van hun levensmiddelen het liefst bij de bron wil kopen en dat veel producenten graag rechtstreeks contact met de klant willen. Door de jaren heen ontwikkelde de supermarkt zich tot een efficiënt en effectief logistieke dienstverlener die de klant inzet als goedkope hulpkrachten. De concurrentie wordt vooral uitgevochten op prijs, waardoor er steeds meer service verdween en er discutabele producten op de schappen verschenen.

   

Eerlijke producten
Whole Foods Market reageerde al jaren geleden in de VS op deze ontwikkeling door een geheel nieuwe supermarkt te ontwikkelen. Een winkel die alleen nog maar eerlijke producten verkocht. En die al haar keuzes en (assortiments)beslissingen uitlegde aan de klant. De eerste Whole Foods Market in Londen is inmiddels  zover door ontwikkeld dat de Amerikaanse keten nu volgens de nieuwste inzichten een nieuwe vestiging opent op Piccadilly Circus. De winkel is bijna de helft kleiner dan de eerste vestiging. 'Een winkel kan zelden te klein zijn, maar is al gauw te groot', stelt Whole Foods Market. De klant moet overdonderd worden door het aanbod. Het product moet voor de verleiding zorgen en op iedere centimeter winkelvloer moet de bezoeker geprikkeld worden. 'In grote winkels hebben presentatiemeubelen en lege ruimtes vaak de overhand. Wij willen alleen nog producten laten zien. Grote hopen doet verkopen', aldus Whole Foods Market. Een winkel die vertrouwen wekt door uit te leggen waar producten vandaan komen én een winkel die eten weer tot een belevenis maakt. 

terug naar boven


In Madrid staat lekker eten gelijk aan ademhalen

MADRID - Voor Madrilenen moet eten niet alleen lekker zijn, maar ook van uitmuntende kwaliteit. De Spaanse hoofdstad biedt de mooiste speciaalzaken en verspleinen. Zelfs supermarkten hebben een assortiment waar wij noorderlingen alleen maar van kunnen dromen. Ik was afgelopen week met een foodgezelschap in Madrid en geef graag enkele inspirerende tips en redenen waarom je deze zomer de koffers zou moeten pakken voor een culinaire ontdekkingstocht door dit fantastische foodparadijs.

Het opwarmen van de smaakpapillen kan beginnen bij Lur Maitea, een restaurant, tussen de pleinen Alonso Martinez en Colon. De plek staat bekend als één van de beste Baskische eetlocaties in Madrid. Alex Santamaria, eigenaar/chef van Lur Maitea, werkt met pure producten rechtstreeks van de markt. Wie liever met een groepje zelf wil koken kan naar Cocina Cayena. Daar leer je onder leiding van de chef-kok de kneepjes van het vak en maakt hij je wegwijs in de Spaanse keuken. Voor winkelbeleving moet je natuurlijk naar Mercadona, de voordeligste en tevens snelst groeiende supermarktketen van Spanje. De organisatie liep voorop in de prijzenoorlog, die stevig huishoudt in de door een recessie geteisterde markt. Toch wist het bedrijf vorig jaar de winst opnieuw te verhogen. Klantvriendelijkheid staat hoog in het vaandel en ook over het uitgebalanceerde assortiment is goed nagedacht.

   

Xanadú
Wie op zoek is naar ‘experience' gaat naar  Xanadú, één van de grootste overdekte winkelcentra van Europa met meer dan 250 winkels en ruim 30 restaurants, cafés en bars. Een bioscoop, bowlingbaan, indoor cartbaan, mini golf en indoor skipiste behoren eveneens tot de inventaris. Voor food loop je naar binnen bij  El Corte Ingles, het Spaanse warenhuis met op de begane grond een Hipercor. Deze supermarktketen kenmerkt zich door een schitterende combinatie van diverse specialiteiten. Opvallend is de presentatie van de koffie en regionale producten. Leerzaam is ook het bezoek aan Carrefour Planet El Pinar; één van de eerste pilots van het nieuwe Carrefourconcept. Brede gangpaden en sfeervolle LED-verlichting zorgen voor een aangename shopping experience. De verspresentaties zijn bijzonder, waarbij de nadruk ligt op ambacht en puur natuur. Lokale producten verdienen de aandacht, evenals het enorme aanbod aan biologisch.

Mercado de San Migue
Het meest imponerende tijdens een foodsafari door Madrid blijft echter Mercado de San Migue, ‘the place to be' voor vele Madrilenen. In deze overdekte historische hal  barst het van de eetgelegenheden, waar o.a. tapas en wijn besteld kunnen worden. Tientallen winkels presenteren hun waren. Van de mooiste Ibéricohammen tot de meest exclusieve schaal- en schelpdieren en andere vissoorten. Maar ook wijnen, kazen en broodspecialiteiten vinden hier gretig aftrek. Om alle opgedane indrukken te verwerken en te vertalen naar kansen voor de Nederlandse markt vlei je je tenslotte neer op het imposante dakterras van San Anton. Deze markthal, vergelijkbaar met Mercado de San Miguel maar minder toeristisch, heeft een nieuw concept geïntroduceerd dat voeding, cultuur en entertainment tot een geheel smeedt. Op de eerste verdieping vind je het traditionele marktconcept met een slager, een bakker, een visboer, een fruit- en groenteboer, een stand met diepvriesproducten en een delicatessenwinkel. De tweede verdieping is ontworpen om deze heerlijke producten te proeven, terwijl de bezoeker kijkt naar een demonstratie ‘show cooking'. Op het fabuleuze dakterras kun je niet anders dan constateren dat iedere dag lekker eten voor Madrilenen net zo belangrijk is als ademhalen voor de mens.

terug naar boven


In Trafford is de toekomst al begonnen

MANCHESTER - Het Hoofdbedrijfschap Detailhandel presenteerde onlangs een magazine over de nieuwste trends in koopgedrag en ontwikkeling van winkelgebieden. Met heldere samenvattingen leert het HBD dat het consumentengedrag radicaal aan het veranderen is. In de gigantische shoppingmall Trafford in Manchester vinden we het bewijs van deze voorspellingen.

Boodschappen doen is niet leuk. Winkelen wel. Op bijna ieder congres of seminar wordt deze waarheid verkondigd. Dus eigenlijk zouden we het inmiddels allemaal wel moeten weten. Maar waarom doen we dan nog zo weinig met de wetenschap dat de consument op een andere manier haar wensen vervuld wil zien? Door ketenintegratie en filialisering lijken winkels steeds meer op elkaar in plaats van dat ze zich afvragen waarop ze zich kunnen onderscheiden. Inmiddels weten we toch dat het niet luisteren naar de mondige klant direct wordt afgestraft! Wanneer wordt winkelen weer één groot avontuur waar de consument geen genoeg van krijgt? Er zijn in Europa een paar plaatsen waar de retail wel begrepen heeft dat alleen een pro-actieve houding de klant nog kan verleiden. Schitterende voorbeelden vinden we in Istanbul, maar ook dichter bij huis is veel inspiratie te halen. In Londen is onlangs het tweede Westfield shopping center geopend en in Manchaster zorgt het gigantische Trafford Shoppingcenter ervoor dat de binnenstad leegloopt, omdat de consument massaal naar dit nieuwe winkelgebied trekt. Daar is winkelen weer een avontuur en worden de zintuigen betoverd door grensverleggende retailconcepten.

   

Verwoestend
Ik ben de laatste die zal zeggen dat we nu ergens centraal in Nederland ook een dergelijk shoppingwalhalla zouden moeten bouwen. Want behalve veelgeroemde voordelen, hebben dit soort winkelcentra ook een verwoestende invloed op binnensteden en wijkcentra. Maar initiatieven als Westfield en Trafford helpen wel om de gevestigde orde wakker te schudden. Doorgaan op de huidige voet is voor retailend Nederland eigenlijk geen optie meer. Sociale media marketing, nieuwe technologie en het verlangen naar beleving zetten het retaillandschap de komende jaren volledig op z'n kop. De consument die eenmaal van het nieuwe winkelen heeft geproefd, wil het oude niet meer. Hoe snel heeft destijds het nieuwe fenomeen supermarkt de oude kruidenierswinkel niet verdrongen? Wie denkt dat dat nog verre toekomstmuziek is, zal op genoemde voorbeeldplaatsen ruw worden wakker geschud. Retail was tot de vorige eeuw een proces van evolutie, maar in Trafford en Westfield hebben ze zich nu opgemaakt voor de retailrevolutie. 

terug naar boven


Berlijnse retail steeds vaker trendsettend

BERLIJN - Wie Berlijn zegt, denkt aan KaDeWe; het Kaufhaus des Westens. Toch heeft de Duitse hoofdstad veel meer te bieden dan alleen dit enorme warenhuis aan de Kurfürstendamm met een foodafdeling om je vingers bij af te likken. Berlijn is hip en een geweldige inspiratiebron voor iedereen die warm loopt voor winkelformules die de consument verbazen en verleiden.

Je zou Berlijn kunnen bezoeken om een een kijkje te nemen in de keuken van Die Deutsche Bank. Dit financiële bolwerk heeft retail ontdekt en ontvangt haar klanten in een unieke winkelomgeving, waar diensten als hypotheken en verzekeringen als producten vanuit het schap worden verkocht. In deze pilotvestiging trekt die Deutsche Bank alle registers open om het de klant naar de zin te maken. Spreekkamers zijn ingericht naar doelgroep en in een Grand Café-achtige omgeving wordt de klant uitgenodigd om onder het genot van een hapje en een drankje haar financiële zaken af te handelen. Maar er is meer te ontdekken in Berlijn. Bijvoorbeeld bij het Event center van Sony of bij Nike-town, waar marketing in optima forma wordt bedreven. Alle middelen en mogelijkheden worden ingezet om Nike neer te zetten als een onaantastbaar merk, dat je nodig hebt om je leven als gezonde en sportieve mens betekenisvol te kunnen inrichten.

   

Meester
Berlijn is een meester in het verleiden en betoveren. Zelfs in de straten wordt dit zichtbaar wanneer je als niets vermoedende reiziger langs indrukwekkende gebouwen rijdt. Totdat je ontdekt dat de gebouwen niet echt bestaan, maar dat er hele straten zijn waar bouwputten aan het oog onttrokken zijn door enorme spandoeken met gefotografeerde gebouwen. Op het gebied van levensmiddelen heeft Berlijn inmiddels een voorbeeldfunctie die met een beetje goede wil vergeleken kan worden met Londen. Nieuwe winkelcentra en formuleconcepten schieten als paddestoelen uit de grond. Maar ook gevestigde ketens weten zich in een razend tempo aan te passen aan de grillen en grollen van de verwende consument. 

Kaufhof
Een mooi voorbeeld is Galeria Kaufhof aan de Alexanderplatz. Dit warenhuis heeft een gourmet-afdeling om van te watertanden. Schitterende versafdelingen en verleidelijke grutterswaren strijden om de euro van de consument. Hier laten de Duitsers zien hoe je verleidelijk pasta kunt verkopen, hoe zoetwaren bezoekers in vervoering kunnen brengen en hoe je met verspresentaties de zinnen van mensen kunt betoveren.  De liefde voor het product spat er overal van af en wie denkt dat Duitsers stug en afstandelijk zijn, heeft nog geen kennis gemaakt met de  gedreven medewerkers van dit warenhuis. In de jaren ‘20 van de vorige eeuw was Berlijn trendsettend voor de rest van het Europese vasteland. Na de val van de muur is dit belangrijkste kenniscentrum van het land hard op weg om deze inspirerende positie opnieuw in te nemen. 

terug naar boven


Merkur neemt maatschappelijke verantwoordelijkheid serieus

INNSBRUCK - Oostenrijk is een schitterend wintersportgebied. Dat weet inmiddels nagenoeg iedere Nederlander. De afgelopen weken zijn we immers weer massaal naar dit ski-paradijs vertrokken. Dat Oostenrijk ook op het gebied van duurzame supermarkten bijzonder interessant is, is echter minder bekend. Wie de komende tijd afreist naar de sneeuw, adviseren we daarom eens een bezoek te brengen aan de Merkur in Innsbruck.

,,Het is  verrekt moeilijk de beste te zijn": zo luidt vrij vertaald de slogan van Mekur.  Concurrenten als M-Preiss en Interspar maken het deze natuurvriendelijke dochter van Rewe International niet bepaalt gemakkelijk. Toch slagen ze er door het nemen van verantwoorde keuzes steeds beter in om de gewenste status te bereiken. Zeker in hun paradepaardje in het Shopping Center West in Innsbruck scoort Merkur hoog in de consumentenwaardering.  Met ruim 20.000 artikelen op circa 2.000 vierkante meter is deze winkel inmiddels een geduchte concurrent voor met name de InterSpar, die met schitterende en duurzame winkels in Oostenrijk al vele jaren heer en meester is.

     

Marktgevoel
De winkel in Innsbruck is vanuit een marktplaats-concept opgebouwd. Om het marktgevoel te benadrukken plaatst Merkur de versgroepen in eilanden met daarboven opvallende en sfeerverhogende koven. Tegenover de agf-afdeling bevindt zich als experiment een zogenoemde "Erlebniskuche". Hier vindt de consument een ruime keuze aan lokale en internationale maaltijden.  De meeste gerechten worden onder het oog van de klant bereid. Deze bepaalt zelf of hij de maaltijd ter plekke nuttigt of in een biologisch afbreekbare verpakking mee naar huis neemt. Indien gewenst kunnen de maaltijden ook vooraf worden besteld. De agf-afdeling heeft meer dan 600 verschillende  producten. De meesten daarvan worden twee keer per dag vers aangeleverd. Opvallend is het ‘Ja- Natürlich' bio-assortiment dat ook in andere assortimentsgroepen een zeer prominente plek in het schap heeft.

De beste
Merkur wil met haar keuzes tegemoet komen aan de groeiende vraag naar regionale, natuurlijke en diervriendelijke producten. Om deze positionering kracht bij te zetten claimt Merkur dat de winkelketen het grootste assortiment Bio-brood van Oostenrijk heeft. Ruim 70 verschillende variëteiten moeten de klant ervan overtuigen dat dit ook werkelijk zo is. Ook in de rest van de winkel ademt Merkur een natuurvriendelijke sfeer uit. Zonder daarin door te slaan naar het "geitenwollen-sokken" stadium. De winkel neemt haar maatschappelijke verantwoordelijkheid, maar boet daarbij niet in aan aantrekkelijkheid en versbeleving. Met in totaal meer dan 700 ter plekke bereide maaltijden en 260 verschillende convenience-producten bouwt de Rewe-dochter volop door aan het ultieme versgevoel. ,,Es ist verdammt hart, der Beste zu sein", constateert Merkur, maar heeft in haar paradepaardje in Innsbruck de weg naar deze positie zo langzamerhand wel gevonden.

terug naar boven

Stuur deze pagina door

Created by doit Online
Disclaimer | Algemene voorwaarden